Slapen is universeel én persoonlijk. We doen het allemaal en allemaal op onze eigen manier. Voor de blogserie ‘Slaapverhaal’ hebben slapers die net wat minder doorsnee slapen zelf hun verhaal op papier gezet. En ik mag het met jullie delen met als doel (h)erkenning en ervaringen delen. Hieronder lees je het slaapverhaal van Gijs (30 jaar) over werken in ploegendienst.

Wisselend slaapritme

Mijn naam is Gijs en ik ben werkzaam in de technische dienst bij NXP Nijmegen. Hier werk ik in een 5-ploegen verband, dus heb een continu wisselend slaapritme. Zoals te verwachten bij aanvang van een dergelijke baan en de daarbij horende werktijden, kent het slapen ook daarom zeker zijn uitdagingen.

Bij ons zijn de tijdvakken zo verdeeld: de vroege dienst begint om 06.10 uur, een late dienst vanaf 14.10 uur en een nachtdienst om start om 22.10 uur. Bij allemaal zit een overdracht tijd van 20 minuten, dus je mag pas weer naar huis op het halve uur.

Daar ik dus drie verschillende diensten heb, wil ik daarom mijn verhaal ook opdelen in de drie verschillende diensten. Iedere dienst heeft tenslotte zijn eigen uitdagingen. Voor dit eerste deel ga ik dus beginnen met de uitdaging die de vroege dienst heet. Maar voor ik begin met de individuele uitdagingen per dienst, eerst een kort stukje over mij slapen voor de ploegendienst.

Natuurlijk ritme

Zoals ieder mens (lijkt mij tenminste) heb ook ik een natuurlijk ritme van slapen. Eigenlijk al zo lang als ik mij kan herinneren bestaat mijn natuurlijke behoefte aan slaap uit het recept van ergens tussen 01.00 en 02:30 uur naar bed stiefelen en dan op automatische piloot tussen de 6 en 8 uurtjes later weer wakker worden. De duur van de slaap is afhankelijk van de geleverde inspanning en uiteraard ook een stukje geestelijke rust. Met dit ritme van slapen had ik dus ook nooit problemen met slapen met een ‘normale’ 8 tot 5 baan.

Vroege dienst

Vroege diensten, mijn grote favoriet…. Niet dus. Daarom ook gelijk mijn grootste uitdaging. Voor de vroege dienst mag ik de wekker zetten op 04.50 uur. Dit mag gerust vroeg genoemd worden voor iemand die normaal ergens rond 01.30 uur z’n bed zoekt. Uiteraard ben ik begonnen met zorgen dat ik ‘gewoon’ om 23.00 uur uiterlijk op bed lag, maar helaas was hier het resultaat van dat ik plafonddienst mocht draaien. Wakker liggen tot 02.00 uur was zogezegd geen uitzondering in het eerste begin. Mede door het gevoel van ‘de nacht wordt zo wel erg kort’ en ‘als ik me maar niet verslaap’ was de korte nacht welke overbleef er ook nog één die weinig kwaliteit bood.

Omdat je zulke korte nachten niet heel lang vol gaat houden, ben ik toch op zoek gegaan naar een manier om de nacht te verlengen, maar ook zeker de kwaliteit van slaap te verbeteren. Aanvankelijk ben ik begonnen met de dag er voor iets eerder op te gaan staan, maar dit haalde niet het gewenste effect. Daaropvolgend het sporten (hardlopen of mountainbiken) verplaatsen naar de laatste dag van het weekend, maar ook hier niet gevonden wat gehoopt werd. Wat uiteindelijk voor de vroege diensten de ‘truc’ is geworden mag omschreven worden als een combinatie van opties. Inmiddels probeer ik altijd het weekend te eindigen met een stukje sport overdag, stukje wandelen in de avond, met als afsluiting rustig een stukje muziek luisteren vanaf ongeveer 23.00 uur, tot de slaap zich aankondigt. Meestal val ik dan tussen middernacht en 00.30 uur wel in slaap en heb ik een goede slaap.

Voorbereiding op de tweede vroege dienst heeft natuurlijk ook nog een eigen aanpak nodig. Het lichaam is het namelijk totaal niet eens met de spontane ommezwaai in slaapritme in mijn geval. In het eerste begin gaf ik hier met regelmaat nog wel toe aan het slaap gevoel na het werk en ging ik toch even een uurtje of wat langer liggen. Probleem hiervan was alleen dat het in slaap komen in de avond er niet direct op vooruit ging. Daarom verzet ik me tegenwoordig tegen het slaap gevoel door een stuk te gaan wandelen, maar niet met al te grote intensiteit. Hierbij speelt de periode van het jaar altijd wel sterk mee in of ik de camera mee op pad neem, opzoek naar kleine wonderen van de natuur. Als ik dan uiteindelijk rond 23.30 uur het bed raak, val ik meestal ook wel direct in slaap.

Iets wat vaak goed helpt om de intensiteit van bewegen laag te houden, is het zoeken naar plaatjes in de categorie ‘macro fotografie’. Dit is tenslotte iets waar haast en snelheid geen plaats in kent. Eigenlijk perfect voor de rustige activiteit, en het levert soms mooie plaatjes op.

Late dienst

De late dienst is eigenlijk de beste dienst voor mijn natuurlijke slaapritme en hoe ik het liefst mijn leven indeel. Het naar bed gaan kan wanneer het mij uitkomt, zowel vanuit de vroege dienst komend, als tussen de late diensten in.

In de ochtend van de late dienst is het heerlijk gebruik te maken van rust die de wereld te bieden heeft als het gros werkt. Meestal ga ik in de eerste vrije ochtend naar het bos, fietsen of hardlopen. Ongeacht de periode van het jaar is het altijd wel licht. In de zomer in de opwarmende fase van de dag, in de winter de mooiste plaatjes die er zijn. Na dan gewerkt te hebben, is slapen nooit een probleem.

De tweede ochtend staat vaak in het teken van heerlijk de natuur in, maar dit maal voor een rustige wandeling met of zonder camera. Ook hier is het heel afhankelijk van de periode van het jaar wat de natuur te bieden heeft, maar ieder seizoen heeft wel iets moois te bieden in de ochtend. Hiermee zijn dan direct alle aspecten van de slaap rond deze dienst behandeld. Saaie diensten zogezegd.

Nachtdienst

Om eerlijk te zijn, zag ik aanvankelijk het meest tegen de nachtdiensten op. Het leek me verschrikkelijk om ’s nachts wakker te moeten blijven. Vreemd genoeg was het wakker blijven eigenlijk totaal geen probleem… Hoe dan?! Wat alleen wel een ding is voor mij, is na nachtdiensten je ritme weer oppakken als je luistert naar de wens van 6 tot 8 uur slaap. Je komt dan tenslotte bijzonder laat pas uit bed na de tweede nacht. Daarom heb ik ook daar moeten zoek naar een manier om het allemaal passend te krijgen.

Wat hier voor mij de oplossing is gebleken, is lekker gaan sporten op de dag die bekend staat als mini-weekend. Vervolgens werken en dan zodra ik thuis kom het bed in. Heel bewust met een wekker op 12:45, om dan vervolgens 13:00 normaal aan de boterham te zitten. Deze dag vul ik meestal in met ‘klusjes’, dus niet al te veel maar ook niet niks zitten doen.

Dan is de tweede nacht daar, wat er één is die goed door te komen is op de relatief korte hoeveelheid slaap. Iets wat mij verbaasde, maar gelukkig is wat het is!

Blijft de wisseldag over. Deze dag ga ik naar gelang mijn gemoedstoestand invullen. Meestal komt dat neer op niet te veel, maar wel even een stukje sport. Vaak niet veel meer dan een uur, tot anderhalf uur.

Dan zit het werk er weer op –> weekend!

Is er dan niets dat roet in het eten gooit?

Helaas wil het echter wel eens zo zijn dat er problemen zijn met de personeelsbezetting. Mooie voorbeelden hiervan zijn te vinden rond feestdagen, zoals kerst. Hier wil het wel eens voor komen dat er gat valt rond de nachten. Meeste mensen zijn dan tenslotte liever thuis dan op het werk.

Hier heb ik ingestemd met draaien van twee extra late diensten en een extra nachtdienst. Iets wat ik niet snel meer zal doen. Hiermee gaat het lichaam blijkbaar wel écht in nachtmodus en is slapen in de nacht geen optie meer. Om dit effect te overkomen heb ik daadwerkelijk een keer een hele nacht over moeten slaan om weer in een fatsoenlijk ritme te vallen.

Herken je jezelf in bovenstaand verhaal van Gijs over ‘s nachts werken? Brengt dit slaapverhaal je op een idee en ga je iets nieuws uitproberen? Weet in ieder geval dat je niet de enige bent. Mocht je behoefte hebben aan een luisterend oor, steun, advies of begeleiding, plan een vrijblijvende kennismaking in. Ook een bijzonder slaapverhaal dat je wilt delen? Stuur me een bericht via lekkerslapen@slaapwaarde.nl.

Lees ook het slaapverhaal van Yvette over Sleeping Apart Together en het verhaal van Nienke over slaapwandelen.

Natuurfoto’s gemaakt door Gijs.